Translate

maandag 27 oktober 2014

De vrijwilligers zijn blijvers!

Zo af en toe komt het weer naar boven: Iemand houdt een pleidooi om op het Bockbierfestival vooral brouwers te laten tappen. Soms in een gloedvol betoog, soms in een halve zin zonder enige motivering. Maar altijd zonder enige kans dat het ooit in realiteit zal worden omgezet.

Het Bockbierfestival is weer achter de rug. Vele tientallen mensen hebben weer hun best gedaan om alle bezoekers van het festival te voorzien van biertjes. En al tijdens het festival brandde de kritiek weer los. Dit keer ging het er om dat een paar bieren verwisseld waren. Iets dat overigens zodra het gemeld werd door de betreffende brouwers werd opgelost. Maar op facebook werd gedaan alsof dit de grootste schande was die het festival kon overkomen. En ook anderen hadden kritiek.

Nu ik toch al weer enige jaren als vrijwilliger optreed tijdens dit festival meen ik dat ik er toch een klein beetje kijk op heb. En ik zal de laatste zijn om te zeggen dat alle kritiek onterecht is. De dingen gaan daar niet altijd zoals je ze verwacht. Daar zijn vele redenen voor, waar ik hier niet op in wil gaan. Wat ik wel wil zeggen is dit: Op het Bockbierfestival zullen vrijwilligers altijd de kar blijven trekken, wat de criticasters ook roepen. Er is simpelweg geen alternatief.

Dat begint al met de vraag of alle brouwers van wie bier op het festival was werkelijk er op zitten te wachten na een werkweek nog eens zo'n 30 uur of meer in touw te zijn in het weekeinde. Dus vrijdagmiddag de zaak opbouwen, tot en met zondag tappen en dan zondagavond of maandagochtend alles weer mee nemen. Met ook nog eens met weinig perspectief op meer opbrengst dan wanneer je het bier gewoon aan het festival verkoopt. Van de binnen gekomen muntjes gaat namelijk een heel fors deel op aan kosten van gebouw en andere zaken. Dat zal ook moeten gebeuren als de brouwers achter de tap staan. Als je alle uren werk tegen een normaal loon zou berekenen zou de totale opbrengst wel eens negatief kunnen zijn, zeker als de bezoekers om welke reden dan ook je bier massaal negeren. Ik heb dat laatste zien gebeuren.

Maar stel dat we inderdaad zo'n 90 brouwers zo ver krijgen dat ze dit wel doen. Dan nog is er een probleem: al die brouwers zullen een eigen plekje willen hebben. Gisteren stond ik in mijn eentje achter een bar met 4 taps. Op elk van die taps stond bier van een andere brouwer. Zou je die brouwers allemaal een eigen plek geven, dan had je al gauw de dubbele ruimte nodig gehad, als je pech hebt zelfs het viervoudige. Ook de Beurs van Berlage is echter niet van elastiek en de beschikbare ruimte is beperkt. Wie weet is er nog wat op te vinden, maar waarschijnlijker is dat je het aantal brouwers fors in zou moeten perken. Of je er 90 kwijt zou kunnen is de vraag. Ik denk van niet. En ik merkte gisteren dat ik niet de enige ben.

In de praktijk zie je ook dat genoemde effecten zich voordoen. Kijk naar het openingsfestival van de week van het Nederlandse Bier. Van de begin dit jaar bestaande brouwers waren er zo'n 40 aanwezig, ofwel zo'n kwart van het totaal aantal. En dat is dan een activiteit in samenwerking tussen bijna iedereen in de bierwereld. Juist daar zou je verwachten dat brouwers in de rij staan om mee te mogen doen. Wie weet gebeurt dat achter de schermen, maar ik heb daar nog nooit iets van gehoord.

Ondertussen heeft een geheel uit vrijwilligers bestaande club een festival uit de grond gestampt dat zijn weerga in Nederland niet kent. Ook dit jaar wisten weer meer dan 10.000 mensen de weg naar de Beurs te vinden. Mensen van allerlei leeftijden, beiderlei kunne en van kenner tot beginneling. En ook dit jaar was er weer meer keuze dan vorig jaar. Dan kun je uitgebreid stil staan bij wat er allemaal mis gaat en kun je van mij nog gelijk krijgen ook. Maar de organisatie en vrijwilligers van het Bockbierfestival leveren jaar in jaar uit een prestatie die ik weinigen zie nadoen. Dat mag best eens gezegd worden en als niemand het doet, dan doe ik dat maar. Wij geven vorm aan het oudste en grootste bierfestival dat ons land kent!

En er is nog een aspect dat misschien ook wel een reden is waarom vooral uit de beroepsmatige bierwereld steeds weer dezelfde kritiek komt: Als vrijwilliger ben je onafhankelijk.Als lid van een bierconsumentenvereniging gaan de belangen van de bierdrinker me het meest aan het hart. Als ik even kan geef ik ook eerlijk informatie aan de mensen die ik langs krijg. Zo heb ik mensen uit de droom geholpen die dachten dat Christoffel nog steeds uit Roermond kwam. Zoude de mensen van de brouwerij dat ook gedaan hebben? Ik vind het dat de organisatie van het festival het aan haar achterban verplicht is om zo goed mogelijk de klanten te informeren. Niet alleen over die dingen die een brouwer graag kwijt wil, ook over dingen die hij liever voor zich houdt, maar wel in het belang van bierdrinkers is. Ook dat is een reden waarom het goed is dat de vrijwilligers blijven.

maandag 13 oktober 2014

Misschien moeten we gewoon stijlloos bier drinken

Je kent ze vast wel. Al die verschillende bierstijlen. Bij elke stijl hoort dan een beschrijving en kenners kunnen zich uren vermaken met de vraag of een bier "in de stijl" hoort of niet. Maar hoe zinnig is dat eigenlijk?


Er schijnt in ons land een brouwer te zijn die bewust geen rekening houdt met welke bierstijl dan ook. Hij brouwt gewoon bier dat hij graag wil maken en waarvan hij ook nog denkt dat het wel verkoopt. Of dat nu binnen een bestaande stijl past of niet maakt hem niet uit en je zult hem daar dan ook nooit over horen. Aan de andere kant zie ik discussies langs komen of iets nu een IPA, een DIPA of een TIPA is, waarbij mensen hardnekkig op hun standpunt blijven staan. Ik heb in zo'n discussie op Internet een keer voorgesteld om dan maar over een XIPA te praten en ieder naar believen die X in te laten vullen, maar dat viel niet goed. Enige stekelige antwoorden waren mijn deel.


Nu snap ik best dat het handig kan zijn om met een simpele aanduiding van de stijl waar binnen een bier bedoeld is meer te zeggen, over smaak, aroma, kleur en meer zaken. Dat iemand die een bier koopt waarvan de stijl duidelijk op het etiket staat een idee heeft wat hij koopt en op die manier teleurstellingen voorkomt. Hoewel dat laatste gezien de discussies over de vraag of er hier in Nederland wel "echte" IPA's gebrouwen wordt blijkbaar niet altijd op gaat. Ook snap ik dat het bij bierkeuringen, wedstrijden en dergelijke handig kan zijn om te weten hoe een bier door de maker bedoeld is en dat een indeling in stijlen daarbij kan helpen. Je hebt dan immers een soort referentiekader waartegen je een bier kan afzetten. Tenslotte zijn er batches op Untapp'd die zijn geënt op bierstijlen, waardoor de laatste aan de verzamelwoede van gebruikers tegemoet komen.


Maar toch bekruipt me bij al dat stijl gedoe vaak een wat ongemakkelijk gevoel. Het voelt allemaal wat kunstmatig aan. Soms lijkt het of het hoogste doel dat je als bierdrinker kunt bereiken het feilloos benoemen van stijlen en het constateren van afwijken op die stijlen is. Of elk bier keurig in een hokje moet passen om te deugen. Het bierlandschap als keurig aangeharkt parkje. Waarbij net zoals bij de verschillende planten in het parkje ook bij het bier een kek kaartje staat waarop je kunt lezen wat het is. Overzichtelijk en netjes, maar misschien ook wel een beetje saai.


Er is dus tenminste één brouwer die zich hier aan onttrekt en het zou me niet verbazen als het er meer zijn die zich hier in herkennen. Dat zijn de vrije jongens en meiden. Zij laten hun fantasie de loop en experimenteren er op los. Of ze brouwen gewoon een bier en bekommeren zich niet om welke stijl het is. Zoals die brouwer in dat kleine Duitse dorp die slechts "Bier" op zijn kaart had staan. Het hele dorp wist precies hoe het smaakte en elke verdere aanduiding was overbodig.


Ik kan er niets aan doen, maar ik heb wel sympathie voor die brouwers. Misschien romantiseer ik ze wel (ik heb al geschreven dat ik daar wel eens last van heb), maar de gedachte aan mensen die zich aan de regels van de stilisten niets aantrekken is een prettige. Laat er dus vooral brouwers blijven die geheel stijlloos door het bierleven gaan en me gewoon verrassen met een goed glas bier. Al moet ik bekennen dat ik geen dorpsgenoot van alle brouwers ben en dus een smaakbeschrijving niet zou misstaan.

woensdag 10 september 2014

Bockbieren de pepernoten van de bierwereld?

Dat pepernoten elk jaar vroeger verschijnen wist ik en daar ben ik aan gewend. Maar Bockbier lijkt nu dezelfde weg te gaan...


Over de datum waarop je mag beginnen met verkopen van Bockbier is nogal wat te doen. Ik herinner me het verhaal hoe ooit een speciaal bier gebrouwen werd voor de Nederlandse Bierweek, die elk jaar rond 1 oktober wordt gehouden. Dat bier was een Porter en gebrouwen door een brouwerij die net was overgenomen door een lid van toen nog CBK. Omdat Porter binnen dat concern toen nog geen bekende biersoort was had de brouwer het maar als "Bockbier" in de voorraad laten opnemen. Prompt mocht het voor 1 oktober niet worden uitgeleverd van het systeem dat de voorraad beheerde. Met als gevolg dat de bierweek zonder dat bier moest beginnen.

Ondertussen is de naam van het CBK veranderd in Nederlandse Brouwers. En zij staan nog steeds op het standpunt dat de opening van het bockbierseizoen plaats vindt op de eerste maandag van oktober. En beweren dat ze een afspraak te hebben met alle leden dat voor die dag geen bockbier verkocht dan wel geschonken wordt. Tot zover de theorie.

Dat er ondertussen steeds meer brouwers zijn die zich niet gebonden achten aan die afspraak, al was het maar omdat ze geen lid van de club zijn, was al een tijdje duidelijk. Ook aan andere kanten is er gerammeld aan die afspraak, denk bijvoorbeeld aan de bierconsumentenvereniging PINT. Het was dan ook al enige tijd gebruikelijk dat voor die eerste maandag in oktober al bockbier verkrijgbaar was. Dit dan weer tot verdriet van velen die vonden dat hiermee een oude traditie, die er overigens niet was, tot een einde kwam. Ik begon ook dit jaar al weer uit te kijken naar die discussies.

Maar dit jaar lijken we een stapje verder te gaan. Hoewel volgens astronomen (en volgens wat ik op school geleerd heb) we nog steeds in de zomer zitten is er al tenminste één brouwerij die trots meldt dat hun bockbier al verkrijgbaar is. En dat is dan nog een lid van Nederlandse Brouwers ook. Blijkbaar is er nogal wat veranderd sinds ze PINT verweten de samenwerking in de bierwereld op de tocht te zetten door al op 21 september het seizoen te willen openen.

Zoals misschien al duidelijk is hecht ik niet zo aan die eerste maandag in oktober. 21 september, 1 oktober, het mag allemaal van me. Maar er is ergens toch wel een grens. Bockbier hoort bij het najaar, bij gierende najaarsstormen met van die fijne buien die je tot op je hemd en verder nat maken. Bij steeds korter wordende dagen en thuis komen in het donker. Nu weet ik wel dat het weer de laatste dagen wat minder was en het voor sommigen al herfst leek. Maar ik ben toch echt niet aan bockbier toe. Gewoon omdat ik het er de tijd nog niet voor vind.

Niet alleen ik heb de relatie al gelegd met pepernoten en andere Sinterklaas spullen. Het lijkt erop dat ook Bockbier steeds eerder op de markt komt. Dat we met allerlei Bockbierfestivals in feite zo ongeveer het einde van de Bockbiertijd aan het vieren zijn. Dat Bockbier een bier dreigt te worden dat je op een terras in de zon zit te genieten in plaats van binnen terwijl je kijkt hoe de regen tegen de ruiten slaat. En daarmee ga je voor mij een grens over. Een weekje eerder of later maakt me niet zoveel uit. Een brouwerij die een beetje piraat speelt door zich niet aan een dictaat van de grote brouwers te houden is uitstekend. Maar het is nu net september!

Ooit heeft PINT een uitnodiging gestuurd aan diverse partijen om te komen tot één gezamenlijke opening van het Bockbierseizoen. Ik was daar toen een warm voorstander van. Helaas reageerde niemand naar ik begrepen heb. En nu hebben we in de zomer dus al Bockbier met pepernoten. Zou dat een goede bier-spijscombinatie zijn?

zondag 17 augustus 2014

Goed bier verdient glas

Bier in plastic bekers. Je ziet het ook op festivals al gebeuren. Maar eigenlijk is dat vreselijk jammer.

Het is nu volgens mij al bijna twee jaar geleden dat in Maastricht bijna een volksopstand uitbrak. De gemeente had namelijk in al haar wijsheid besloten dat met carnaval bier geschonken moest worden in plastic bekers in plaats van glas. De bevolking pikte dat niet en als ik het goed heb werd de maatregel ijlings terug gedraaid. Carnaval werd gevierd met bier in glas.

Dit weekeinde is het Kimchi Farm festival. Een leuk festival met zowel amateurbrouwers als professionals en vooral veel mooie bieren. Geschonken in plastic bekers, van die weggooi dingen. En iedereen vond dat blijkbaar normaal, ik hoorde tenminste geen protesten. Ook ik ging er gewoon in mee, want blijkbaar hoorde het zo. En ik kan niet anders zeggen dan dat ik me uitstekend vermaakt heb en zowel de tijd als de hoeveelheid muntjes vloog om. Op dat punt geen enkele wanklank dus. Wel was me opgevallen dat de oproep van de organisatie om de glazen vooral te recyclen niet gemakkelijk uit te voeren was. Ten eerste kon je die glazen niet altijd spoelen, maar bovendien waren veel brouwers al in een nieuwe beker aan het schenken voordat je de kans kreeg je bekertje aan te bieden. Maar verder gewoon een prima festival.

Die zelfde middag zat ik op het terras van brouwerij de Prael nog wat na te genieten en kwam ik in gesprek met twee Amerikanen die veel in Amsterdam kwamen en de bierscene hier over het algemeen goed kenden. Van de 7 Deugden wisten ze nog weinig, maar in het Centrum waren ze behoorlijk bekend. Met hen had ik het ook over Kimchi. Terwijl ik de loftrompet uitstak had ik het terloops over de plastic bekertjes, met de toevoeging dat dit op festivals in Amerika niet ongebruikelijk was voor zover mij bekend. Het kwam me op een voorzichtige reprimande te staan. Ze wisten te vertellen dat op een festival waar zij vaak kwamen men weer terug was gekeerd naar glas.

Zoiets zet je aan het denken. Het hier al genoemde voorbeeld van Maastricht kwam in me op, maar ook Folkwoods en Parkfest. Over het laatste festival heb ik het nodige geschreven in een andere blog. Folkwoods was de wat groter opgezette voorganger. Twee muziekfestivals waar het bier niet alleen in glazen, maar ook in het juiste glas werd geschonken. Op Folkwoods kwamen de laatste jaren zo'n 1500 bezoekers per dag. En dankzij het regelmatig ophalen van glazen waren er geen problemen en konden spelende kinderen rustig hun gang gaan zonder risico op verwondingen door glasscherven.

Nu zijn er mensen die me vertellen dat plastic tegenwoordig net zo goed is als glas en voor het bier misschien nog wel beter ook. Blik schijnt al helemaal fantastisch te zijn om je bier in te bewaren. Mooi, maar daar koop ik in dit geval weinig voor. Het drinken van een glas bier is voor mij meer dan alleen maar het tot je nemen van vocht. Het is een beleving. En die beleving is uiteindelijk een stuk minder bij zo'n slap plastic geval dan bij een echt glas. Wie zelf geen glas wil aanschaffen voor een festival kan onder andere terecht bij de  Vereniging PINT, waar ze je graag helpen. En er zullen meer mogelijkheden zijn denk ik maar zo. Het moet dus te regelen zijn, als je dat maar wilt.

Laten we dus, anders dan met de introductie van "andere" bieren, nu eens niet een paar jaar achter de Amerikanen aan lopen, maar nu al afstappen van plastic bekers bij festivals. Om al die bieren nog beter tot hun recht te laten komen!

maandag 11 augustus 2014

Parkfest: een dag langer, maar zonder ED.

Bij alle lof op het Parkfest van afgelopen weekeinde kan ik natuurlijk niet achter blijven. Het was nieuw en toch weer heel vertrouwd, gewoon Folkswoods, maar toch weer anders. Een dag langer, maar ED was er niet. Een verslag van een lang weekeinde Eindhoven.

 Donderdag

Het begon allemaal weer geweldig. Ik was net bezig de tent op te zetten, toen ik iets hoorde scheuren. Het bleek mijn broek. Maar goed, eerst de tent maar opgezet en ingepakt. Daarna zou ik wel verder zien. Het kwam me later nog op een opmerking te staan over een "sexy scheur . Ik geef het maar door voor wat het waard is. Op dat moment had al iemand een interview gegeven aan een plaatselijk TV station, had ik al een nieuwe broek gekocht en hadden we een bezoek gebracht aan de infostand. Zoals we gewend waren werd deze ook dit jaar weer bevolkt door de beide zussen die druk aan het regelen waren. Een enkeling zeurde nog dat er geen zwarte T-shirts waren, maar verder waren er gene wanklanken. Het lamballen kon beginnen. Festivals mogen van opzet veranderen, een andere naam krijgen, tradities moeten behouden blijven.

De Klippeleaters kwamen ons van de camping halen en we volgden hun netjes naar het festival terrein. Daar hield Tinus nog een kort woordje, waarna de nieuwe organisatie ons welkom heette en het feest kon beginnen. Folcorn trad op met oude liedjes, zeer gedegen ingeleid, wat zeer informatief was, maar de vaart we een beetje uit het geheel haalde. Het zorgde voor een wat kalm begin van de avond. Dat zou later bij Hoven Droven nog wel veranderen. Ondertussen hadden we weer een plekje op het park veroverd en goedkeurend geconcludeerd dat het bier weer in echte glazen zat en ook de rest goed verzorgd was. Het kon nog een leuk feestje worden en het was nog maar donderdag. Uiteindelijk werd het bedtijd, voor de een wat eerder dan voor de ander. Het zou een rustige nacht worden.

Vrijdag

Op een of andere manier leek het net zaterdag. De dag begon ook zoals anders zaterdag: met ontbijt. In de folder werd het "Basic Ontbijtservice" genoemd, maar daarmee doet de schrijver van die tekst de dames tekort. Je moest weer een hele reeks vragen beantwoorden, maar daarna kreeg je een ontbijt dat niet alleen op maat, maar vooral ook met liefde gemaakt was. Er schijnt nog ergens een plek geweest te zijn waar je kunt ontbijten, maar zo goed als hier kan het nooit geweest zijn. Helaas was er een klein minpuntje, maar daar konden de dames niets aan doen: ED had besloten het festival niet te sponsoren en was daarom niet aanwezig. We moesten het dus zonder hem doen en hebben daardoor zijn ongetwijfeld lovende verhalen over dit nieuwe festival gemist. De dames deden hun best om het gemis aan te vullen en zo werd het toch nog gezellig.

Muzikaal begon de dag met Opa's Kunstgebit. Een groep uit het Noorden des Lands die naast goede uitvoeringen van Klassiekers, vooral veel humor bracht. En bovendien een aantal mensen uit het publiek ook de indruk gaf dat ze mee mochten doen.  Bij Shireen was het geloof ik de bedoeling dat je weg doomde, op een of andere manier wilde dat me niet lukken en heb ik vooral wat heen en weer gestruind en natuurlijk ervaringen uitgewisseld met de mensen om me heen. Dat het anders was en toch weer hetzelfde en zo. Van Zeeschuim heb ik eigenlijk ongeveer alles gemist. Het was nogal nat en je moest in de open lucht gaan staan om te kijken. Kan zo gebeuren. Ad van Meurs speelde met band in de tent en dat was wel prettig, want de buien bleven komen. Als het festival niet anders had geheten hadden we het "echt Folkwoods weer" genoemd. Of het ook echt Parkfest weer zal blijken te zijn zullen we hopelijk in een lange toekomst vanzelf te weten komen. Verder leverde van Meurs gewoon de kwaliteit die je van hem kunt verwachten. Ik genoot en als ik om me heen keek merkte ik dat ik niet de enige was.

Marktkoopman had er gelukkig voor gekozen om in de kleine tent midden op het veld te gaan spelen, wat voor een knus concert zorgde. Verder was ook dit weer een band die humor in het vaandel had staan en zorgde goed genoeg te spelen om er voor te zorgen dat het niet vervelend werd. Het publiek vond het allemaal prachtig. Doordat het in die tent werd gespeeld wist men ook waar men voro klapte en dat voorkwam weer een aantal boze gezichten en misverstanden. Daarna was het op naar de Henry Girls: drie zussen die niet alleen een hoop regen, maar ook goede muziek mee hadden genomen. Af en toe was het moeilijk om de regen te overstemmen, maar het lukt. Ondertussen ging stortte buiten het dak in van het podium dat daar stond weg te regenen. Gelukkig zonder iemand te verwonden. Optredens konden er echter niet meer plaats vinden.

De avond wordt besloten met Dealan en hoe. De energie spat van het podium af! Ook hier ben ik niet de enige die dat vindt. Uiteindelijk ga ik na het concert een beetje moe, maar vooral heel tevreden naar mijn tent. Om daar al vrij snel in te slapen.

Zaterdag

De dag begint weer als de vorige: ontbijt. Deze keer bovendien met een uitgebreide geschiedenisles. Dat de Friezen eigenlijk Franken waren en zo. Totdat de Euro kwam geloof ik, maar ik moet zeggen dat ik het allemaal niet helemaal bij kon houden. ED was er weer niet en dus besloot ik het heft in eigen hand te nemen. Ik vond heb bij een benzinepomp, waar ik niet de enige bleek die hem zocht, er was nog iemand die voor hem kwam.Helaas vond hij het niet nodig om iets over Parkfest te vertellen. wel over Voetbal, een Cultureel Centrum dat failliet was en hoe je langs de Dommel door Eindhoven kunt lopen zonder het idee te hebben ooit in een stad te zijn. Dat vraagt bijna om een opmerking, maar ik zal me inhouden deze keer. Voor de rest waren er weer de gewone rituelen van wachten en uiteindelijk het terrein op gaan.

Het was zowaar droog en dat zou het de hele dag zo ongeveer blijven. Dat bracht de dames van de infostand en kampwinkel er toe de zonnebrand in de verkoop te gooien en ook de aftersun. Verder zochten we een plekje in de zon en wachtten af. In de verte klonk Klezmer muziek, de dag was ook muzikaal begonnen. Veel van wat die middag gebeurde kon ik het best samenvatten met "waarschijnlijk heel goed, maar niet mijn stijl". Zeeschuim was ongetwijfeld heel literair en kunstzinnig bezig, maar het kon me niet aantrekken. Vandiekomsa was leuk, maar de tent was toch wel wat erg warm en Sido Martens maakte tussen het pronken met zijn veroveringen door best goede muziek, maar maakte bij mij in elk geval weinig los. Maar het zonnetje en de sfeer vergoedden veel moet ik zeggen.

Ik begon wat op te leven bij Hillbilly Hayride. "gebroken harten en andere leed gevat in vrolijke liedjes". Doordat het festivalterrein nogal klein was hadden de dame en heren wat last van het soudchecken in de tent, maar dat werd simpel opgelost door het volume iets op te schroeven. Hte blijft tenslotte een festival waar opgetreden wordt en daar komen dat soort zaken soms voor. Dat gezegd hebbende moet ik zeggen dat over het algemeen het volume van de optredende bands zeer acceptabel was. Ik zag veel kinderen met oorbescherming en dat zal vast heel goed zijn, maar mij viel op dat ik geen enkel moment last had van fluitende oren of andere verschijnselen die bij harde muziek horen. ook niet gedurende de avond.

In de tent ging het die avond namelijk wat meer los en dat beviel me wel. Er zullen ongetwijfeld wel weer forums zijn waar discussies los barsten over de vraag of er nog sprake is van Folk en ik wens de deelnemers aan die discussies veel plezier. Ik heb gewoon genoten van zowel het optreden van King Dalton als van Ball Noir. En ja, dat is uiteindelijk waarvoor ik naar zo'n festival kom. de avond vliegt voorbij en voor ik er erg in heb is het weer tijd om de tent op te zoeken.

Zondag

Als ik bij het ontbijt kom is er enige opluchting. Ik was wat later dan de vorige dagen en even was hte de grote vraag waar ik was. Verder blijk ik het vervolg op de geschiedenisles te hebben gemist en hoor ik dat ik chocomel bij het ontbijt wil.Ik protesteer nog hele even, maar de dames zijn onverbiddelijk. Chocomel dus. Er blijkt die ochtend overigens een behoorlijke consensus onder de ontbijtgasten: iedereen wil Chocomel, al dan niet vrijwillig. Omdat het zondag is hoeven we ons niet af te vragen waar ED is, die komt nooit langs op zondag. Principe zaak waarschijnlijk. Sommige mensen beginnen op de camping hun tent vast in te pakken, omdat er weer regen dreigt. Ik heb daar nog geen zin in.

Marike Jager opent de zondagochtend. Ze blijkt hele nachten alleen in een hutje achter in haar tuin te hebben gezeten met een fles wijn. Daar heeft ze dan liedjes geschreven en die krijgen we te horen. over honden die wolven zijn en nog wat van die zaken. Ze wordt verder begeleid door de toetsenist met de mooiste baard ter wereld. Vindt Marike dan, ik heb daar niet zoveel verstand van. In de zaal meen ik overigens enige afkeuring te horen al;s ze dit zegt. Het optreden staat weer als een huis, ondanks dat ze niet met een band speelt zoals bij vorige koffieconcerten. Na het optreden besluit ik dat het nu wel een mooi moment is om de tent in te pakken.

Er zijn zowaar kruiwagens beschikbaar. Ik besluit de tent eerst helemaal leeg te pakken, alles in de auto te laden en daarna pas de buitentent af te breken. Mocht het intussen gaan regenen blijft de schade nog een beetje beperkt. Als ik aan de buitentent toe ben barst een buitje los. Ik pak de zaak bij elkaar en breng ook dit naar de auto, Klep dicht en ik kan weer naar het terrein.

De Folkaholics sluiten af. Ongecompliceerd feesten, daar heeft net nog het meeste van weg zonder de muziek uit het oog te verliezen. Klassiekers komen voorbij, afgewisseld met minder bekende liedjes. Een aantal gasten vullen hen aan en het gevolg is anderhalf uur die voorbij vliegen. Voor ik het in de gaten heb is de laatste toegift geweest en zit het eerste Parkfest er op. De organisatie betreedt het podium en bedankt ons, nadat wij hen bedankt hebben, en vooral ook de meer dan 100 vrijwilligers die zich weer de billen uit de naad gelopen hebben om alles mogelijk te maken.

Nog wat laatste dingen: muntjes inwisselen, afscheid nemen, naar de auto. Onderweg terug barst de regen los. Uiteindelijk kom ik thuis. Parkfest 2014 was een mooi feestje en ik hoop van harte dat er minstens zoveel afleveringen komen als van Folkwoods!



maandag 4 augustus 2014

Ben ik te romantisch?

Het was al weer een paar jaar geleden dat ik voor het laatst op de biermarkt in Haarlem was geweest. Andere besognes en zo. Tijd om weer eens te gaan.

Wie ooit mijn verhalen over de biermarkt gelezen heeft weet dat ik daar graag kwam. Ongedwongen sfeer, lekkere bieren, wat praten met de brouwers, kortom waarvoor je naar zo'n gelegenheid gaat. Dus toog ik vol goede moed naar de botermarkt om het allemaal nog eens mee te maken. En ja hoor, het was er allemaal weer. Ik heb daar dan ook een uitstekende middag beleefd. En toch was het op een aantal punten anders. een paar punten vielen me op.

Om te beginnen was daar het glas, dat mijn eigendom werd en niet retour genomen werd. Ik vind dat jammer. Ik heb thuis nogal wat glazen van festivals staan en langzamerhand heb ik de keuze tussen het niet meer bewaren van glazen en het bij kopen van kastruimte. Misschien dat het ooit gaat veranderen, maar ik neig toch naar het eerste. Daarbij snap ik best dat het glas tevens toegangskaartje is en dat je er voor betaalt. Maar als ik EUR 5,-- had moeten betalen en EUR 2,-- retour had gekregen was me dat liever geweest, terwijl ik per saldo meer betaald had. Al was het alleen maar omdat dat glas dan hergebruikt kan worden in plaats van bij mij thuis te verstoffen of in de glasbak te eindigen.

Dan kom ik niet onder de prijs uit. Ik snap best dat goed bier een goede prijs verdient en dat bijzondere bieren nu eenmaal meer grondstoffen vergen en ook op andere punten bewerkelijk zijn. Dat je dus meer betaalt dan voor een normaal pilsje is me duidelijk. Ik vertel het verhaal vaak genoeg om het te geloven. Maar EUR 2,50 voor een glas is toch behoorlijk aan de prijs als dat glas slechts 0,1 liter bevat. En als ik om me heen luisterde was ik niet de enige. Ik hoorde meer mensen opmerkingen maken over zowel de prijs als de grootte van het glas. Je kunt daar tegen in brengen, dat het vooral om proeven gaat dus een klein glas net zo goed is. Klinkt mooi, maar op een of andere manier toch niet geheel bevredigend.

Wat rest zijn wat kleine dingen. Zo heb ik het gevoel dat de horeca steeds verder op dringt en dat dit ten koste is gegaan van het aantal tafels om aan te hangen of te gebruiken als steun als je notities wilt maken. Iets waarvoor het, weer fraaie en informatieve, boekje alle ruimte gaf. Ook moest je nogal een tijd in de rij staan als je muntjes weer eens op waren en zorgde dat voor enige wrevel bij het personeel van de horeca gelegenheid er tegenover, tot de rij niet meer op het terras kwam, maar ervoor boog. Ik zag ergens een suggestie om de muntverkoop meer aan het begin van de markt te maken. wie weet een goed idee. Verder hebben meerdere festivals goed ervaringen met "starterspakketten". Een vast aantal muntjes plus glas voor een mooi rond bedrag. Idealiter kun je ergens apart gepast betalen zodat je minder in de rij hoeft te staan. Ik heb diverse malen gezien dat het werkt!

Als ik dit zo terug lees, dan moet ik het wel zwaar gehad hebben. Wel nu: dat was zeker niet het geval. Maar zoals oudere mannen overkomt: soms denk je terug aan vroeger. Aan de periode dat het allemaal net iets ongedwongener was. Misschien uit pure noodzaak, maar ik vond dat juist mooi. Gewoon met z'n allen gezellig een biertje drinken. Maar het kan best zijn dat die tijd vooral in mijn hoofd bestaat. Dat ik dingen die minder goed waren toen ben vergeten. Ik ben misschien een festivalbezoeker van de oude stempel die er aan moet wennen dat dingen veranderen. Dat het presenteren van je bier mooi is, maar de schoorsteen ook moet roken. Of maatregelen genomen moeten worden om de toeloop aan te kunnen. Ik weet dat niet. Ik merk alleen dat ik er toe neig te zeggen dat het vroeger beter was, iets waar ik eigenlijk een bloedhekel aan heb. Maar goed misschien ga ik minder met de tijd mee dan ik denk en ben ik gewoon te veel romanticus...

zondag 27 juli 2014

Rouwen en laten rouwen...

Dit verhaal gaat niet over bier. Dat komt later weer. Nu gaat het over iets dat me de afgelopen week opviel.

Mijn moeder kan me nog vertellen over uitvaartplechtigheden die vroeger in mijn geboortedorp werden gehouden. Toen was het nog de gewoonte dat de naaste familie als eerste de kerk binnen kwam en de anderen later volgden. Die anderen letten natuurlijk in het bijzonder op hoe de familie er bij zat. Huilden ze wel genoeg, maar ook niet te veel. Hadden ze gepaste kleren, wie troostte wie. Kortom de familie voelde de ogen van de anderen in de rug prikken en wist dat er nog lang over gesproken zou worden. Niet altijd in positieve zin, zoveel was ook duidelijk.

Dat verhaal kwam weer naar boven toen ik diverse commentaren las op de mensen die langs de snelweg en bij de kazerne stonden toen de rouwauto's met de slachtoffers van de vliegramp langs reden. De gedragingen van die mensen werden uitgebreid geanalyseerd en er deugde weinig van.Waarna de waardeoordelen over die mensen vervolgens niet mals ware.

Ik vraag me af waarom mensen dat doen? Is het hun manier om de rouw te verwerken na de vliegramp? Willen ze graag laten zien dat zij wel weten hoe het heurt? Of is het gewoon spontane verontwaardiging? Geen idee, maar de drang was blijkbaar groot.

Ik heb geen idee wie er allemaal langs de weg stonden. Ik kan niet uitsluiten dat er ramptoeristen bij waren. Die heb je overal, dus waarom nu niet. Maar mijn sterke indruk was dat hier mensen stonden die op hun manier hun kleine bijdrage wilden leveren aan de plechtigheid om uiteindelijk 298 mensen via Hilversum thuis bij hun familie te brengen. Die hun medeleven wilde tonen, of die gewoon een uitweg zochten voor hun rouw. En dat dezen ze op hun manier. Niet altijd volgens de etiquette. Niet altijd op een manier waarop anderen denken dat je het moet doen. Nee, gewoon zoals zij dachten dat het goed was.

Het was een bijzondere gebeurtenis afgelopen week en een waarvan ik hoop dat we die (behoudens de veilige terugkomst van de resten van mensen die nu nog in de Oekraïne liggen) nooit mee mee hoeven te maken. Maar mocht dat ooit wel zo zijn: laten we dan de mensen de gelegenheid geven om te rouwen en medeleven te tonen op hun manier. Ook al is dat niet helemaal volgens de regels...