Translate

woensdag 17 oktober 2018

Zijn we het daar nog niet over eens?

Ineens kwam een discussie terug waarvan ik eigenlijk dacht dat hij nu wel eens achter ons zou liggen. Over vrouwen een bier. Volgens mij allemaal heel simpel, maar blijkbaar niet voor iedereen.

Lusten vrouwen bier? Als je het mij vraagt is dat de meest achterhaalde vraag van dit moment. Ik zie tenminste overal om me heen dames met veel plezier genieten van een biertje. In bierencafés hebben de oudere mannen al lang gezelschap gekregen van jonge mensen waaronder zeker ook vrouwen. Het waanidee dat bier voor vrouwen zoet moest zijn is volgens mij ook stevig achterhaald. Waar in 2011 een grote brouwerij op het door PINT georganiseerde congres "Vrouwen en bier" nog met rosébier en andere zoete meuk aan kwam zetten, tot groot verdriet van de aanwezige vrouwen overigens, kan ik me nu niet voorstellen dat er nu nog iemand is die niet weet dat veel vrouwen wel degelijk andere smaken kunnen waarderen en dat zoete juist niet. Nee, voor mij was het pleit al lang beslecht. Vrouwen lusten bier en drinken het gelukkig ook volop. Want met al die oude grijze mannen was het ook niet altijd even gezellig. En nee, er is geen apart mannen- en vrouwenbier. Bier is wat mij betreft behoorlijk gender neutraal. Kijk om je heen en het voltrekt zich voor je ogen.

Toch heb ik me blijkbaar een beetje door mijn optimisme laten misleiden. Want ineens dook hij weer op. Een brouwerij brengt de zoveelste Tripel (hoe origineel) op de markt en vindt het nodig om het te hebben over bier dat door mannen en voor mannen gebrouwen is. Met dat eerste is wat mij betreft niet zoveel mis, al zou ik ook zonder die informatie kunnen. Dat tweede is gewoon onzin. Vind ik het op de markt brengen van al weer een nieuwe Tripel al niet getuigen van veel inzicht in de biermarkt, een bier "voor mannen" uitbrengen is ronduit stupide.

In de Volkskrant lees ik weer hoe iemand het tijdens een proeverij van Bockbier het over "stoeremannenbier" heeft. Ik heb me rot zitten peinzen, maar weet nog niet wat ik me daar bij voor moet stellen. Zou het op Jupiler lijken, zou het smaken als een Tripel? Ik vermoed beide niet, maar wat wel? Ik laat het me graag uitleggen. Of laat maar eigenlijk.

Kunnen we niet gewoon met zijn allen vaststellen dat er onder mannen en vrouwen liefhebbers van bier zijn en mensen die het helemaal niets vinden? Dat onder de bierliefhebbers mensen verschillende smaken hebben en dus de een van zoet, de andere van bitter en weer een ander van zuur houdt? Kunnen we ook afspreken dat iemand die het over mannen- of vrouwenbier heeft zich diskwalificeert als kenner, geek of wat dan ook en eigenlijk een half jaar alleen ranja zou mogen drinken (smaak naar keuze)? Dat laatste natuurlijk in strikt overdrachtelijke zin, ik wil geen marteling propageren.

Of eigenlijk moeten we er ons misschien maar niet meer druk over maken. Er zijn ook mensen die blijven volhouden dat de aarde plat is en de maan van kaas. Misschien moeten we die lieden met achterhaalde gedachten over de smaak van mannen en vrouwen maar niet te hard aan pakken. "Ze weten niet wat ze doen" is waarschijnlijk ook op hun van toepassing. Wie weet zijn er bij die met wat voorlichting zijn te helpen, maar anderen zullen dat punt voorbij zijn. Laten we voor die mensen een beetje aardig zijn. Hen gelijk geven is te veel van het goede, waarschijnlijk is een nietszeggend antwoord nog het beste.

Ondertussen kunnen we het beste gewoon doen wat een bekende bierverkoper altijd zegt: blijven genieten. Wie je ook bent en wat je ook lekker vindt, dat blijft altijd het beste.

maandag 5 maart 2018

Het wordt weer voorjaar!

De temperatuur is weer boven nul en blijft dat ook als ik het mag geloven. De maartse buien komen er aan en dus gaan we weer naar de lente. En zijn er weer voorjaarsbieren.

Dat het buiten vroor dat het tenminste een beetje kraakte deed er niet toe blijkbaar. Op mijn tijdlijn kwamen ze weer voorbij: de Weibok, de Zijgelooftinmijbok en vast wel andere. De meibcoken en andere voorjaarsbieren zijn er weer! Over het ontstaan van met name de meibocken gaan nogal wat verhalen. Ooit heb eens gepoogd het juiste verhaal te achterhalen, maar dat bleek onbegonnen werk. De meest fantastische verhalen kwamen voorbij en bij elk stonden dan weer de nodige vraagtekens. Uiteindelijk heb ik er een verhaal over geschreven dat jarenlang het boekje van het Meibockfestival heeft gesierd. Met een disclaimer, dat wel.

Ook over hoe een dergelijk bier er uit moet zien en moet smaken verschillen de meningen nogal. Ooit hoorde ik een brouwer klagen dat veel van die "bocken" eigenlijk meer IPA waren en ik geloof direct dat hij gelijk had. Ook in het voorjaar blijven brouwers experimenteren en dat leidt er toe dat stijlen in elkaar over lopen. Eigenlijk een soort cross over bieren dus. Dat de brouwer uit het Oosten des lands die ooit het idee van een meibock weer opnieuw leven in geblazen schijnt te hebben daarna is gaan knoeien met het recept en het resultaat daarvan weer de zoete kant op ging die ze blijkbaar nogal prefereren deed de meibock wat mij betreft ook geen goed. Ooit is het op een festival waar zo'n 1000 mensen kwamen ons dan ook niet gelukt een six pack te slijten aan de bezoekers.

Ik ben niet zo van het krijten binnen de lijntjes van de stijl en dus zit ik iets minder met die cross over. Eigenlijk ben ik gewoon blij als de voorjaarsbieren er weer aan komen. Voor mij zijn ze een welkom teken dat de lente er weer aan komt. De periode dat de dagen langer worden en de natuur uit de winterslaap komt. Een voorjaarsbier moet daar ook bij aansluiten. Het moet vooral licht zijn, net alleen van kleur, maar ook van smaak en mondgevoel. Je moet het voorjaar in je glas proeven. Ook het alcoholpercentage mag voor mij daarbij aansluiten: vooral niet te hoog. Een voorjaarsbier van 10% is voor mij waanzin, net als zaken als houtlagering. Terugkijkend op mijn leven tot nu toe vraag ik me dan ook af waarom ik ooit zo gecharmeerd was van de Boskeun. Geen slecht bier, maar eigenlijk te zwaar voor de lente als je het me nu vraagt.

Laat het voorjaar maar beginnen. Laat de bijbehorende bieren uit tappen, flessen en blikken komen. Laat mensen genieten op terrassen als het even niet regent en anders gewoon binnen. Ik ben er helemaal klaar voor. Om een helaas te vroeg en gewelddadig aan zijn einde gekomen politicus te citeren: "ik heb er zin an".

maandag 11 december 2017

Echte helden

"De Helden van de Prael" heet een expositie die te zien is in hun proeflokaal aan de Nieuwe Hemweg in Amsterdam. Een terechte titel.

De Prael is en blijft een bijzondere brouwerij. Niet alleen omdat daar zaken vaak net ietsjes anders lopen dan in andere bedrijven, maar vooral vanwege de mensen die daar werken. Mensen die elk hun eigen verhaal hebben en allemaal verder willen met hun leven. Mensen die dankzij de Prael, maar vooral dankzij hun eigen inzet de kans hebben om dat te verwezenlijken. Als ik er ben valt het me telkens weer op hoeveel enthousiasme mensen uit stralen, hoe trots ze zijn op waar ze mee bezig zijn. Daarbij zijn het stuk voor stuk mensen van wie ik ben gaan houden. Ik mag graag een beetje met hen dollen en me ook laten dollen door hen. Want ook dat is een kenmerk van de Prael, ik heb het nog nooit mee gemaakt dat het saai is.

De mensen van de Prael staan centraal in de expositie "Helden van de Prael" die nog tot 13 januari te zien is in de brouwzaal van het proeflokaal aan de nieuwe Hemweg. Martin Waalboer heeft zijn impressies van de mensen van de Prael vastgelegd in zwart-wit foto's en een aantal daarvan zie je op de expositie. Niet op klein formaat in een mooi lijstje, nee levensgroot. Een bij elke foto staat een opmerking van de betreffende persoon over de Prael. En dan vallen dingen op. Voor veel van de mensen is de Prael belangrijk. Een  aantal malen valt het begrip (tweede) huis, een warme omgeving. Maar ook een plek om je weer perspectief te geven. Collega's worden beschouwd als familie. Kortom een hechte groep mensen en dat zie ik ook als ik er ben, inclusief het gekibbel dat je ook in families tegen komt overigens.  De expositie toont echter vooral de andere  kant. Het zijn deze mensen die de Prael hebben gemaakt en dat nog steeds doen. Deze mensen vormen volgens de inleiding van het boekje dat van de expositie gemaakt is "de bloedlijn van de Prael". Zonder die bloedlijn geen de Prael. Vandaar dat ze ook Helden genoemd worden. Een titel die ze wat mij betreft stuk voor stuk verdienen.

Ik merkte ook dat toen ik rond liep tussen al die foto's ik duidelijk geëmotioneerd raakte. Ik voelde me een geluksvogels dat ik een aantal van deze  mensen heb leren kennen. Mensen die over het algemeen geen gemakkelijk leven achter de rug hebben en voor wie zaken die ik normaal vind niet zo gewoon zijn. Mensen die zichzelf weer perspectief geven. Dat is de boodschap die ik uit de foto's en begeleidende tekst mee heb gekregen. Waarbij ik onmiddellijk beken dat ik waarschijnlijk niet geheel objectief ben. Wat ik zag was in feite een bevestiging van wat ik al dacht. Ik hoop echter van harte dat ook andere bezoekers het zo zullen zien. Bij de Prael werken naar ik begrepen heb zo'n 165 mensen. Die staan niet allemaal tentoon gesteld, maar hun allemaal is dezelfde titel van toepassing: het zijn stuk voor stuk helden van de Prael.

Het zal duidelijk zijn dat ik iedereen aanraad om de expositie te gaan bezoeken. De toegang is gratis, maar je kunt natuurlijk altijd na afloop een biertje drinken in het proeflokaal. Je maakt dan tevens kennis met de Helden waar het over gaat.

De tentoonstelling "Helden van de Prael" is te zien tot 13 januari 2018 in de brouwzaal van de Prael aan de Nieuwe Hemweg 2 1013 BG Amsterdam, tijdens de openingstijden van het proeflokaal. Toegang is gratis.

woensdag 25 oktober 2017

Gouda en het Plastic Glas

Een PINT festival met bier in plastic? Welke gemeente verzint zoiets? Gouda blijkbaar!

Vanaf de bestuurstafel van PINT kwam een voor mij in elk geval opvallende mededeling: Het winterbierfestival mag alleen door gaan als ze de bieren in plastic gaan schenken. Houden ze vast aan glas, dan krijgen ze geen vergunning en kunnen we het festival dus op onze buik schrijven.

Nu ken ik de voorkeuren van gemeentebesturen voor plastic glazen wel. Op koningsdag en bij andere festiviteiten in de stad Amsterdam zijn ze ook verplicht. Met een statiegeld systeem, zodat alle glazen in theorie in elk geval terug komen, wat goed is voor het milieu. Daarbij voorkom je breuk met alle vervelende gevolgen en mogelijkheden om anderen te verwonden van dien. Ook wanneer de hoofdstedelijke voetbalclub thuis speelt is het niet ongebruikelijk dat in het wallengebed buiten alle bier in plastic moet zitten en glazen daar niet zijn toegestaan. Reden voor brouwerij de Prael om dan maar helemaal niet toe te staan bier mee naar buiten te nemen. Wil je roken, dan kun je je glas even laten staan op een tafel net binnen. Ook niet ideaal, maar bier in plastic is erger.

Maar we hebben het hier over het Winterbierfestival. Een festival dat al de nodige edities achter de rug heeft. Ik ben daar zowel als bezoeker als deelnemer diverse malen bij geweest. En er sneuvelt wel eens een glas. Dat wordt dan door de organisatie of een der vrijwilligers opgeruimd en klaar is Kees. Wie weet is er wel eens iemand met een schaaf- of snijwondje, maar daar heb ik nog nooit iets van gemerkt. Het is een gemoedelijk festival waar zo'n 400 bezoekers genieten van de winterbieren en elkaars gezelschap. Een plek waar de kans op vechtpartijen en andere ongein kleiner is dan de kans dat iemand die geen lot koopt de staatsloterij wint. Hoe zeer ik er ook over nadenk, ik kan geen reden verzinnen waarom Gouda deze eis zou willen stellen.

Of wel? Ik vrees dat het gemeentebestuur hiervan geen weet heeft. Dat ze helemaal geen idee wat dat is: Winterbierfestival. Er zijn mensen die bij bierfestivals denken aan evenementen waar enorme hoeveelheden bier verzwolgen worden en liefst ook in de lucht gegooid. Waar de EHBO de handen vol heeft aan het behandelen van snij- en schaafwonden. En waar vechtpartijen eerder regel dan uitzondering zijn. Of zulke festivals bestaan weet ik niet, maar ik heb ze nog nooit mee gemaakt in elk geval. Maar je wil als gemeente later natuurlijk geen verwijten krijgen. Veiligheid voor alles

Misschien heeft de gemeente ook gehoord dat plastic steeds beter wordt en dat het verschil met glas zo aanwezig miniem is. Op dat punt ben ik het echter eens met de hoofdredacteur van PINT magazine (wat echt niet altijd het geval is): "Ik kan er niet precies de vinger op leggen, of het nu de dikte is van het materiaal, de temperatuur of de afronding van de rand, naar in kunststof smaakt het bier vlakker". Dat het maar een keer gezegd is. Bier is nog steeds beleving en daar hoort een goed glas bij. Of ik altijd de nuance van het effect van "terugbolling" merk is een tweede, maar bier uit plastic is als Dries Roelvink in die gele zwembroek. Het zal nooit wat worden.

De organisatie legt zich er bij neer zo lijkt het en misschien is dat verstandig. Maar stiekem was ik er wel voor in geweest om te laten merken dat we het er niet mee eens zijn. Verzamelen in de Goudse Eend. Daar natuurlijk eerst een biertje en dan in optocht achter de PINT vlag aan door de straten van Gouda naar het stadhuis. Alwaar er door een delegatie van het bestuur van de vereniging en van regio Zuid-Holland een petitie wordt aangeboden om vooral gewoon te blijven doen en bier in glazen te laten schenken. Zang en dans zijn optioneel wat mij betreft.

Maar ach, indruk zal dat wel niet maken. Bovendien blijft de kans aanwezig dat het in de Goudse Eend zo gezellig blijkt te zijn dat niemand nog zin heeft om de straat op te gaan naar het stadhuis. En dus drinken we uit plastic tijdens het winterfestival. En pinken misschien een traantje we omdat zo'n mooi product als bier ten prooi is gevallen aan overdreven veiligheidsdenken. Laten we hopen dat het  verder weer een mooi festival wordt en proosten op wat er nog wel is.

dinsdag 17 oktober 2017

Innovatie en goed bier.

Als een goede brouwer spreekt, dan horen simpele bierliefhebbers te zwijgen. Toch veroorloof ik me een paar voorzichtige kanttekeningen bij de opmerkingen van Yvan De Baets.

Innovatie is geen doel op zich stelt Yvan De Baets in een interview, dat via de site Belgian Beer en Food en een paar Facebook vrienden tot me kwam. En ik denk dat er weinigen zijn die hem daar in ongelijk geven. Uiteindelijk zal het doel van elke brouwer moeten zijn dat hij goed bier brouwt en kan alleen het feit dat iemand innovatief bezig is geen reden zijn om hem maar goed te vinden. Aan innovatief slootwater heb je weinig naar mijn mening en ik kan me de laatste keer niet herinneren dat ik in mijn favoriete café iemand van een bier zei dat het "zo fijn innovatief" was. Mensen die dit geen open deur vinden moeten toch eens bij zichzelf te rade gaan.

Toch vliegt de Baets wat mij betreft daarna een beetje uit de bocht, tenminste als ik hem goed begrijp. Hij constateert dat de weg naar goed bier is geplaveid met goede ideeën en dat sommigen al snel weer verdwijnen. Ik mis de non-verbale communicatie daarbij en het is waarschijnlijk ook nog eens een vertaling naar het Engels, maar als ik het lees dan vindt hij dat geen goede zaak en daar ben ik het mee oneens.

Mensen die me kennen weten dat ik voor mijn dagelijks brood wat met IT doe. Misschien wel rijkelijk laat zijn we er daar achter gekomen dat als je wil vernieuwen, dat je dan vooral moet experimenteren en daarbij ook zo snel mogelijk moet zien te falen. "Fail fast". In dat geval moet je natuurlijk wel van je fouten leren en dat dan gebruiken om daarna iets te maken dat niet alleen die fout niet bevat, maar zelfs beter is dan wanneer die fout er niet geweest was. Het idee is ook dat hoe eerder je de mist in gaat, hoe gemakkelijker het te herstellen is. Bij dat experimenteren  moet je je verder vooral niet te veel laten beperken. Als het niet werkt merk je dat vanzelf en begin je welgemoed aan het volgende experiment.

Naast dat je dus experimenteren het daarbij maken van fouten niet tegen moet gaan, maar vooral moet aanmoedigen is het ook belangrijk zo snel mogelijk feed back te krijgen: laat de mensen voor wie je het doet vooral zo snel mogelijk kennis maken wat je gemaakt hebt en vertellen wat ze er van vinden. Dat doe je natuurlijk pas als jezelf denkt iets goeds te hebben gemaakt.

Nu is bier natuurlijk iets anders dan software, maar zouden daar dezelfde principes niet kunnen gelden? Hoe mooi is het als je op kleine schaal kunt experimenteren en als iets niet blijkt te werken het dan maar weg gooit en een nieuwe poging doet? Als je tenminste zo snel mogelijk ontdekt dat iets niet werkt. Als je aan de wort direct al merkt dat het nooit iets kan worden is het tijd te ontdekken waarom niet en niet om dan IJzeren Heinig door te gaan. Fail fast en leer er van. En probeer nieuwe bieren vooral uit bij mensen waarvan je weet dat ze je eerlijk vertellen wat ze er van vinden. Zou het niet kunnen dat je op die manier op bieren uitkomt die niemand van tevoren had kunnen bedenken, maar het heel goed doen? Ik houd het voor mogelijk. Merk op, dat deze manier van werken niet betekent dat je zonder enige kennis kunt aanrommelen. Het vergt wel degelijk vakmanschap, je moet immers tijdens het hele proces weten waar je mee bezig bent en fouten kunnen detecteren.

Ik ben het dan niet met de Baets eens, dat het gebruik van allerlei ongebruikelijke ingrediënten getuigt van arrogantie. Ik kan die opmerking niet plaatsen. Ik denk dat het getuigt van durf om te experimenteren. Het wordt pas verkeerd als het niet gepaard gaat met kritisch zijn op wat je doet en het leren van fouten. Dan breng je slecht bier op de markt en dat kan nooit de bedoeling zijn. Innovatie kan natuurlijk geen excuus zijn om rotzooi op de markt te brengen. Ik denk dat de Baets en ik elkaar daar wel kunnen vinden. Het doel moet immers het maken van goed bier zijn.

Verder viel me nog een detail op: Hij heeft het over brouwers die elke week met een nieuwe stijl komen en niet beseffen dat die stijlen er al eeuwen zijn. Daarbij noemt hij ook het voorbeeld van de Gose. Nu heb ik onlangs nog een keer een glaasje gedronken van wat de originele Gose, uit Oost-Duitsland schijnt te zijn. Of dat echt zo is, of dat ik nu een meute bierhistorici achter me aan krijg weet ik niet. Wat ik wel weet is dat deze er eerder was dan allerlei Goses die er nu zijn en dat die nieuwe toch duidelijk anders smaken. Zou het dus ook niet zo kunnen zijn dat stijlen in de loop der jaren veranderd zijn, doordat mensen binnen die stijl innoveren?

maandag 25 september 2017

Snobs in de bierwereld

In een van mijn vorige blogs heb ik ooit geschreven over wijn snobs. Toen nog dacht ik dat de bierwereld  hiervan verschoond zou blijven. Ik begin het gevoel te krijgen dat ik te optimistisch ben geweest.

Zelf was ik niet op het Borefts  dus ik geef direct toe dat ik het van horen zeggen heb. Maar vanuit verschillende kanten heb ik gehoord dat iemand het nodig vond om tijdens dat festival een flesje Leffe leeg te gooien in de sloot. Waarop, volgens mijn zegslieden, de rest van de groep spontaan begon te applaudisseren. Ik moet eerlijk zeggen dat ik dat niet begrijp. Dat iemand Leffe niet lekker vind kan ik begrijpen. Ik moet heel diep nadenken wanneer ik voor het laatst een biertje van dat merk gedronken heb en weet wel dat het me niet zal hebben gesmaakt. Het is gewoon niet mijn smaak. Maar dan een flesje kopen en dan demonstratief in de sloot gooien? Om over voor zo'n daad applaudisseren maar te zwijgen.

Dat mensen niet zo ingenomen zijn met AB INbev (of hoe ze nu ook mogen heten) is me bekend en veel van de kritiek deel ik. Ze lijken meer in geld dan in bier geïnteresseerd, dat weet ik. Juist daarom lijkt een dergelijke actie me zo zinloos. Je hebt het bier al gekocht en daarmee heeft het gedaan wat AB INbev graag ziet: geld opleveren. Het lijkt mij stug dat iemand bij die gigant zich druk maakt over de vraag of de inhoud van dat flesje gedronken wordt of niet. Het is verkocht en daar ging het om.

De symbolische waarde van de actie lijkt me ook nogal gelimiteerd. Ik kan me vergissen, maar ik denk niet dat er op het Borefts veel mensen komen die graag Leffe drinken. De hele actie heeft dan ook vooral iets van prediken voor eigen parochie. Je weet dat het in goede aarde valt, wat de daad nogal risicoloos maakt. Aan de andere kant denk ik niet dat er iemand zal zijn die door deze actie minder Leffe gaat drinken. Nutteloos is dan ook het eerste woord dat in me op komt. De vervuiling van het oppervlaktewater laat ik wegens de geringe hoeveelheid maar voor wat het is.

Bovenal vind ik zo'n daad een voorbeeld van wat ik hoopte binnen de bierwereld niet aan te treffen: onvervalst snobisme. Iemand laat, gesteund door een aantal aanhangers, wel even zien hoe hij boven de massa staat die wel Leffe drinkt. Onder luid applaus spreekt hij zijn veroordeling uit over een bier dat door veel mensen wel gedronken wordt en ook gewaardeerd. Een bier dat misschien saai is, dat vooral bedoeld is voor de grote massa, maar toch: een bier.

Misschien wordt het tijd dat bierliefhebbers weer eens met de voeten op de aarde komen te staan. "Het is maar bier" lees ik vaak van een bekend bierliefhebber. En eigenlijk somt dat het wel op. Laten we vooral die bieren blijven genieten die we lekker vinden en degene waarvoor dat niet geldt laten staan. Liefst in de schappen. Laten we vooral ook het positieve van bier hoog houden en ons niet laten verleiden tot openbare verspilling van welk bier dan ook. We zijn tenslotte liefhebbers en geen snobs...

dinsdag 15 augustus 2017

Festival op een andere planeet

Afgelopen weekeinde konden zowel liefhebbers van muziek als van bier zich even op een andere planeet begeven: Planet Oedipus maakte dat je de aarde achter je liet en je liet meevoeren naar een plaats waar het leven goed was.

Je kunt het natuurlijk ook een "Beer and Music Festival" noemen, maar het idee van een andere planeet is eigenlijk veel leuker, dus daar houd ik het maar op. Een planeet waar brouwers uit diverse Aardse landen bijeen waren gekomen om hun bieren aan bewoners en bezoekers van de planeet van hun prachtige producten te laten proeven. Daarbij een aantal amateurs, waarvan er een bij elk van zijn bieren een bijpassend hapje serveerde. Verder een aantal bekende, maar ook voor mij onbekende brouwers. Zij hadden meer bieren bij zich dan dat ze tappen ter beschikking hadden, waardoor iemand wel eens om een bier kwam dat net niet aanwezig was. Zelf liet ik dan ook het boekje, met een zeer bijzondere centerfold, voor wat het was en ging op avontuur. Gewoon op een brouwer aflopen, zien wat hij op dat moment had en dan en keuze maken. Waarbij ik direct toe geef dat ik niet iemand ben van uitgebreide wish lists. Ik besluit meestal vrij ad-hoc wat ik ga drinken en dat beviel me ook nu weer uitstekend. Voor wie van dat bier wat trek kreeg waren er diverse food trucks, zowel vegetarisch als met vlees. Ik had overigens wel de indruk dat de vegetariërs in de minderheid waren, ik zag de grote rijen voor burgers en worst...

Wie de mensen van Oedipus een beetje kent of eerder naar door hen georganiseerde festivals is geweest weet dat zij gaan voor vernieuwende muziek en dat was ook nu weer het geval. Wie hoopte een top40 bandje tegen te komen zal dan misschien teleurgesteld zijn. Maar voor anderen was er een breed scala. Soms wat meer toegankelijk en soms wat minder. Een keer had ik zelfs het gevoel dat een artiest niet helemaal zuiver zong, maar dat alles hoort voor mij bij de sfeer die dit festival (en voorgangers) uniek maakt. Je weet nooit precies wat je krijgt en ook dat draagt bij aan het onaardse karakter op deze planeet. Daarbij was het geluidsniveau van dien aard dat een gesprek voeren normaal mogelijk was, misschien met uitzondering van de ruimte vlak voor het podium. Maar wie daar gaat staan of zitten komt voor de muziek denk ik dan.

Al met al heb ik genoten van mijn reis met de interplanetaire afdeling van het GVB naar deze bijzondere planeet. En tenzij mijn waarnemingsvermogen me ernstig in de steek heeft gelaten en iedereen die ik sprak tegen me heeft gelogen was ik niet de enige. Planet Oedipus is een heuse toevoeging aan het aardse biergebeuren en de reis naar deze planeet meer dan waard. Ik hoop dan ook dat dit niet de laatste editie is geweest en ik volgend jaar weer op ruimtereis mag!

En toen was ik terug op aarde. Nagenietend van wat ik had mee gemaakt opende ik Facebook. En ik schrok me rot over de negatieve berichten die ik las. Daarbij ging het me het er niet eens om dat mensen het festival te duur vonden, het bieraanbod niet waardeerden of de muziek als storend ervoeren. Zoveel mensen, zoveel smaken en geen enkel festival zal het iedereen naar de zin maken. Maar sommige verhalen gingen verder. Uit de losse pols werd even vastgesteld wat de kosten voor het festival waren geweest en wat de opbrengst. En werd de conclusie getrokken dat er wel flinke winst gedraaid zou zijn. In feite werd, al dan niet bedoeld, de integriteit van de organisatie in twijfel getrokken. Ik moet me inhouden om daar niet iets heel lelijks over te zeggen. Ik vind dat soort beschuldigingen daarom niet kunnen. Laat de mensen die het nodig vinden om zo te reageren vooral op aarde blijven en nooit meer naar Planet Oedipus afreizen.

Maar goed, uiteindelijk overheerst bij mij het positieve gevoel van een mooi festival met mooie bieren, lekker eten en goede muziek. Alle mensen die dat mogelijk hebben gemaakt wil ik dan ook van harte bedanken. Jullie hebben mensen een mooi weekeinde bezorgd en daar past die dankbaarheid bij.